Image

Volmacht voor algemene vergadering in eenhoofdige BV of NV

Advies 2024/003

29/11/2024

Vraagstelling:

Is het in de eenhoofdige BV/NV mogelijk om een volmacht te verlenen voor deelneming aan de algemene vergadering?[1]

Toepasselijke wetsbepalingen:

Art. 5:82 WVV:

“Wanneer de vennootschap slechts één aandeelhouder telt, oefent hij de bevoegdheden uit die aan de algemene vergadering zijn toegekend. Hij kan die niet overdragen.”

Art. 5:95 WVV:

“Tenzij de statuten anders bepalen, mogen de aandeelhouders zich door een lasthebber, die geen aandeelhouder moet zijn, laten vertegenwoordigen. De statuten kunnen de aandeelhouders toelaten hun stem vooraf schriftelijk uit te brengen.

Een schriftelijk uitgebrachte stem of een verleende volmacht blijven geldig voor elke volgende algemene vergadering in de mate waarin daarop dezelfde agendapunten worden behandeld, tenzij de vennootschap op de hoogte wordt gesteld van een overdracht van de betrokken aandelen.”

Art. 7:125 WVV:

“Wanneer de vennootschap slechts één aandeelhouder telt, oefent hij de bevoegdheden uit die aan de algemene vergadering zijn toegekend. Hij kan die niet overdragen.

Relevante rechtsleer:

BOSSARD P., ‘Les pactes d’actionnaires – relatifs à l’exercice du pouvoir’, RPS-TRV 2021/8, 880 ;

BOUCKAERT F., Notarieel Vennootschapsrecht – NV & BVBA, Antwerpen, Kluwer, 2000, 405;

BRAECKMANS H. en WYMEERSCH E., ‘De éénpersoonsvennootschap met beperkte aansprakelijkheid vanuit vennootschapsrechtelijk en algemeen handelsrechtelijk oogpunt’, in De éénpersoonsvennootschap, Antwerpen, Maklu, 1998, 136-137;

CELIS B., ‘Commentaar bij art. 267 W.Venn.’, in Vennootschappen en verenigingen – Artikelsgewijze commentaar met overzicht van rechtspraak en rechtsleer, Antwerpen, Kluwer, 2004, 4-7 ;

COIPEL M., ‘Les sociétés privées à responsabilité limitée’, in Rép. not., Deel XII, Le droit commercial et économique, Boek 4, Brussel, Larcier, 2008, nrs. 357 en 372;

DEBAUW F., Les assemblées générales dans les sociétés anonymes, Bruxelles, Bruylant, 1996, 125 ;

GEENS K. en WYCKAERT M., ‘De BVBA herschreven voor één persoon’, T.R.V. 1988, 30, nr. 69;

HELLEMANS F., De algemene vergadering, Kalmthout, Biblo, 2001, 126 en 482-483;

LIEVENS J., De eenpersoons-BVBA, Antwerpen, Kluwer, 1988, 115;

MICHEL H. en COIPEL M., ‘Le fonctionnement de la SPRL unipersonnelle’, in La S.P.R.L. Unipersonnelle, Brussel, Bruylant, 1988, 233 ;

RONSE J., ‘Overzicht van rechtspraak’, T.P.R. 1964, nr. 110, 120.

Kadering van de problematiek:

De notariële praktijk wordt soms geconfronteerd met gevallen waarbij in een eenhoofdige BV/NV de enige aandeelhouder via volmacht wenst te verschijnen. Deze problematiek komt voornamelijk voor bij authentieke akten aangezien bij onderhandse beslissingen men de beslissing eerder schriftelijk zal nemen en een volmacht dus overbodig is. Toch is het niet ondenkbaar dat deze problematiek ook voorkomt bij bepaalde algemene vergaderingen die niet voor een notaris plaatsvinden. Dit is vaak het geval in een groep waar er dochterondernemingen met één aandeelhouder zijn en waar deze aandeelhouder niet reist voor vergaderingen, zelfs niet voor gewone algemene vergaderingen.

De vraag of het in de eenhoofdige BV/NV mogelijk is om een volmacht te verlenen voor deelneming aan de algemene vergadering, had reeds het voorwerp uitgemaakt van controverse onder het oude Wetboek van Vennootschappen. Het is nuttig deze discussie nog eens onder de loep te nemen om na te gaan in welke mate de vroegere bezwaren nog gelden onder de huidige tekst.

Bespreking:

Terzake gold artikel 267 W.Venn.[2] dat bepaalde dat de enige vennoot de bevoegdheden van de algemene vergadering niet kon overdragen:

“Wanneer de vennootschap slechts één vennoot telt, oefent hij de bevoegdheden uit die aan de algemene vergadering zijn toegekend. Hij kan die niet overdragen.”

De tekst van het toenmalige artikel 267 W.Venn. had aanleiding gegeven tot verdeeldheid in de rechtsleer en het verschil tussen de Nederlandse en de Franse tekst van de bepaling en de parlementaire voorbereiding hebben hiertoe bijgedragen. De argumenten voor een strenge visie[3], die meende dat bij eenhoofdigheid geen enkele volmacht was toegestaan, baseerden zich op:

  • de Franse tekst van het artikel, die luidde: “il ne peut les déléguer”;
  • het feit dat een amendement om het verbod in artikel 267 op te heffen niet aanvaard  werd in de discussies in de commissie van de Senaat[4];
  • het verschil tussen een algemene vergadering van een meerhoofdige vennootschap, waar de volmacht betrekking heeft op de deelneming en stemming door één of meer vennoten, en een eenhoofdige vennootschap waar deze de facto betrekking heeft op de volledige bevoegdheid van de algemene vergadering als zodanig.


Andere auteurs, die de meerderheid leken te vormen, meenden dat een algemene delegatie verboden was, maar dat niets belette dat een bijzondere volmacht werd gegeven, beperkt tot één of meer welbepaalde vergaderingen of beslissingen[5]. Argumenten in die zin waren:

  • De Nederlandse tekst van het artikel, die het woord « overdragen » gebruikte, wat de vervreemding van de bevoegdheden impliceert, maar de bijzondere volmacht niet in de weg staat;
  • Artikel 280 W.Venn. (omvattende het recht om zich te laten vertegenwoordigen op de algemene vergadering), dat geen voorbehoud maakte voor de eenpersoons-BVBA’s;
  • Het feit dat het argument dat stelde dat er een verschil was tussen een algemene vergadering van een meerhoofdige en van een eenhoofdige BVBA niet opging in de hypothese dat slechts één vennoot deelnam aan de algemene vergadering van een meerhoofdige BVBA en zich hiertoe liet vertegenwoordigen (wat niet verboden is).

Artikel 5:82 WVV herneemt de bewoordingen van artikel 267 W.Venn., zowel in het Nederlands als het Frans. Ook artikel 7:142 WVV, aangaande de NV, herneemt de bewoordingen van artikel 547 W.Venn., zodat ook de oude argumenten dienaangaande nog steeds relevant zijn.

Het Comité schaart zich achter de meerderheidsstrekking onder het oude recht en baseert zich hiervoor in hoofdzaak op de volgende argumenten:

De Nederlandse tekst van de artikelen 5:82 en 7:125 WVV gebruiken het woord « overdragen », wat de vervreemding van de bevoegdheden impliceert en een bijzondere volmacht niet in de weg staat.

De artikelen 5:95 en 7:142 WVV omvatten het recht om zich te laten vertegenwoordigen op de algemene vergadering. Beide artikelen maken geen voorbehoud voor de éénhoofdige BV/NV.

Verder is in een meerhoofdige BV/NV de hypothese mogelijk dat slechts één aandeelhouder deelneemt aan de algemene vergadering en deze aandeelhouder zich laat vertegenwoordigen. Bijgevolg zou dit ook mogelijk moeten zijn in een éénhoofdige BV/NV. 

Besluit:

Onder het oude Wetboek van Vennootschappen had zich doorheen de jaren een meerderheidsstrekking afgetekend die meende dat een algemene of onherroepelijke vertegenwoordiging van de aandeelhouder in een eenhoofdige BVBA verboden was, maar dat niets belette dat een bijzondere volmacht werd gegeven, beperkt tot één of meer welbepaalde vergaderingen of beslissingen. Bij gebrek aan nieuwe elementen in het WVV die het antwoord op deze vraag zou kunnen wijzigen, concludeert het Comité dat een bijzondere volmacht door de aandeelhouder van een eenhoofdige BV/NV voor één of meer welbepaalde vergaderingen of beslissingen is toegestaan.

Een algemene, definitieve of onherroepelijke delegatie van de bevoegdheden van de enige aandeelhouder is volgens het Comité niet geoorloofd.


[1] Dit advies spreekt zich enkel uit over de vraag of in een eenhoofdige BV/NV de enige aandeelhouder zich op de algemene vergadering kan laten vertegenwoordigen via volmacht en niet over de eventuele modaliteiten of beperkingen die al dan niet zouden gelden voor volmachten met het oog op uitoefening van het stemrecht in het algemeen.

[2] Deze bepaling baseert zich op de 12de richtlijn (EU) 89/667 van de Europese parlement en raad van 21 december 1989 inzake het vennootschapsrecht betreffende eenpersoonsvennootschappen met beperkte aansprakelijkheid. In artikel 4 van deze richtlijn wordt vermeld dat de enige vennoot de aan de algemene vergadering toegekende bevoegdheden uitoefent. De oorsprong van de toevoeging van het verbod tot overdracht van zijn bevoegdheid is niet terug te vinden in de Europese richtlijn.

[3] O.m. BOUCKAERT F., Notarieel Vennootschapsrecht – NV & BVBA, Antwerpen, Kluwer, 2000, 405; MICHEL H. en COIPEL M., ‘Le fonctionnement de la SPRL unipersonnelle’, in La S.P.R.L. Unipersonnelle, Brussel, Bruylant, 1988, 233.

[4] Ontwerp van wet betreffende de eenpersoonsvennootschap met beperkte aansprakelijkheid, Parl. St . Senaat, 1985-86, nr. 359/ 2, 18-20.

[5] cf. BRAECKMANS H. en WYMEERSCH E., ‘De éénpersoonsvennootschap met beperkte aansprakelijkheid vanuit vennootschapsrechtelijk en algemeen handelsrechtelijk oogpunt’, in De éénpersoonsvennootschap, Antwerpen, Maklu, 1998, 136-137; CELIS B., ‘Commentaar bij art. 267 W.Venn.’, in Vennootschappen en verenigingen – Artikelsgewijze commentaar met overzicht van rechtspraak en rechtsleer, Antwerpen, Kluwer, 2004, 4-7 ; GEENS K. en WYCKAERT M., ‘De BVBA herschreven voor één persoon’, T.R.V. 1988, 30, nr. 69; LIEVENS J., De eenpersoons-BVBA, Antwerpen, Kluwer, 1988, 115.